Hoe ontstaat condensaat in een compressor, hoe verwijdert u vocht uit perslucht en hoe voorkomt u water in uw leidingen? Ontdek de oorzaken, oplossingen en belangrijkste aandachtspunten voor een betrouwbare persluchtinstallatie.
Vocht in perslucht is een natuurlijk gevolg van het comprimeren en afkoelen van lucht. Zonder de juiste behandeling kan dit leiden tot corrosie, storingen en schade aan apparatuur.
In deze WikiPerslucht-pagina behandelen we vier veelgestelde onderwerpen, van de vorming van condensaat tot de juiste keuze voor persluchtdroging.
Persluchtcondensaat is vloeibaar water dat ontstaat wanneer waterdamp in samengeperste lucht afkoelt en condenseert.
Buitenlucht bevat altijd een bepaalde hoeveelheid waterdamp. De compressor zuigt deze lucht aan. Wanneer de samengeperste lucht vervolgens afkoelt, kan een deel van de waterdamp overgaan in vloeibaar water. Dat water noemen we condensaat.
Condensaat kan naast water ook olie en andere verontreinigingen bevatten. Daarom is een goede afvoer en, waar nodig, behandeling belangrijk.
Condensaat bestaat voornamelijk uit water. Afhankelijk van de aangezogen lucht en het compressortype kan het ook compressorolie, stofdeeltjes en andere verontreinigingen bevatten.
Persluchtcondensaat kan verontreinigd zijn met olie en andere stoffen uit de lucht of de compressor. Het is daarom niet zonder meer gelijk aan schoon water en mag niet automatisch onbehandeld worden geloosd.
Bij oliegesmeerde compressoren kan een kleine hoeveelheid olie in de perslucht terechtkomen. Wanneer vocht condenseert, kan die olie zich met het condensaat vermengen.
Condensaat wordt met condensafvoeren uit onder meer afscheiders, filters en luchtketels verwijderd. Oliehoudend condensaat moet doorgaans eerst geschikt worden behandeld, bijvoorbeeld met een olie-waterscheider. Afvoer en lozing moeten voldoen aan de geldende voorschriften.
Condens ontstaat wanneer vochtige perslucht afkoelt tot het drukdauwpunt.
Bij het samenpersen van lucht stijgt de temperatuur. Daarna koelt de perslucht af, bijvoorbeeld in een nakoeler, luchtketel of leiding. Tijdens die afkoeling kan waterdamp condenseren tot vloeibaar water.
Hoeveel condens ontstaat, hangt onder meer af van de hoeveelheid aangezogen lucht, de luchtvochtigheid, temperatuur, druk en de mate van afkoeling.
De compressor zuigt lucht aan die waterdamp bevat. Na compressie koelt de lucht af. Zodra het drukdauwpunt wordt bereikt, verandert een deel van de waterdamp in vloeibaar water.
Warme, vochtige buitenlucht bevat doorgaans meer waterdamp dan koude, droge lucht. Bij dezelfde hoeveelheid aangezogen lucht kan daardoor op warme en vochtige dagen meer condensaat ontstaan.
Bij een gelijkblijvende druk kan koudere perslucht minder waterdamp in gasvorm bevatten. Zodra de lucht afkoelt tot onder het drukdauwpunt, slaat het overtollige vocht neer als condens.
Dat verschilt per installatie en weersomstandigheid. Belangrijke factoren zijn het aanzuigdebiet, de temperatuur en relatieve luchtvochtigheid van de buitenlucht, de werkdruk en de temperatuur waarnaar de perslucht afkoelt. Zonder die gegevens is geen betrouwbaar aantal liters per dag te geven.
Vocht verwijderen gebeurt in verschillende stappen. Een waterafscheider verwijdert vloeibare druppels, terwijl een persluchtdroger de hoeveelheid waterdamp verlaagt.
Voor veel industriële toepassingen is een koeldroger geschikt. Wanneer een lager drukdauwpunt nodig is, bijvoorbeeld bij koude leidingen of kritische processen, kan een adsorptiedroger worden toegepast.
De juiste keuze hangt af van het luchtverbruik, de werkdruk, de temperatuur en de vereiste persluchtkwaliteit. Ook een betrouwbare condensafvoer is essentieel.
Een waterafscheider verwijdert vloeibare waterdruppels uit de luchtstroom. Een persluchtdroger verlaagt juist het waterdampgehalte en daarmee het drukdauwpunt. Beide hebben dus een andere functie en kunnen elkaar aanvullen.
Nee. Een geschikt coalescentiefilter kan vloeibare druppels en aerosolen afscheiden, maar verwijdert geen waterdamp. Om het drukdauwpunt te verlagen is een persluchtdroger nodig.
Een koeldroger is voor veel algemene industriële toepassingen voldoende en levert vaak een drukdauwpunt rond +3 °C. Voor toepassingen met lage omgevingstemperaturen of strengere droogte-eisen is vaak een adsorptiedroger nodig. De keuze moet worden afgestemd op de bedrijfsomstandigheden en de gewenste luchtkwaliteit.
Meet het drukdauwpunt met een geschikte dauwpuntsensor. Vergelijk de gemeten waarde met de eisen van de toepassing en met de laagste temperatuur die de perslucht verderop in het systeem kan bereiken.
De belangrijkste maatregel is perslucht drogen tot een drukdauwpunt dat past bij de omstandigheden in het leidingnet.
Wanneer leidingen door koude ruimtes lopen, kan perslucht alsnog condenseren als de temperatuur onder het drukdauwpunt daalt. Kies daarom een passende droger en controleer of deze goed functioneert.
Ook een goed ontworpen leidingnet, correct geplaatste aftakkingen en werkende condensafvoeren helpen om vloeibaar water uit de installatie en van de werkplek weg te houden.
Dat kan komen door onvoldoende droging, afkoeling onder het drukdauwpunt, een defecte of overbelaste droger, of condensaat dat niet goed wordt afgevoerd. Ook achtergebleven water uit een eerdere storing kan een rol spelen.
Waarschijnlijk bereikt vloeibaar water het afnamepunt. Mogelijke oorzaken zijn condensvorming in de leiding, onvoldoende persluchtdroging of een probleem met de condensafvoer. Controleer de droger, het drukdauwpunt en de laagste punten van het leidingnet.
Zorg dat het drukdauwpunt bij de werkdruk lager ligt dan de laagste verwachte temperatuur van de leiding, met een passende veiligheidsmarge. Bij koude ruimtes kan een adsorptiedroger nodig zijn wanneer een koeldroger onvoldoende droogte levert.
De droger kan te klein zijn, niet goed functioneren of onder ongunstige bedrijfsomstandigheden werken. Ook kan het drukdauwpunt te hoog zijn voor een koud leidingtraject. Controleer daarnaast condensafvoeren en eventueel al aanwezig water in het leidingnet.
De compressor, nakoeler, luchtketel, condensafvoeren, filters, droger en leidingen moeten op elkaar worden afgestemd. De beste opstelling hangt af van de toepassing en de omstandigheden ter plaatse.
Verwijder vloeibaar water op de juiste plaatsen en voorkom ophoping in de installatie.
Kies een droger die past bij het benodigde drukdauwpunt en het luchtverbruik.
Controleer het drukdauwpunt en onderhoud condensafvoeren, filters en droger.
Van Hemert Persluchttechniek helpt u met het beoordelen van uw persluchtinstallatie en het kiezen van een passende oplossing voor vochtbehandeling.