De juiste compressorcapaciteit, werkdruk en persluchtbehandeling zorgen voor een betrouwbare installatie met zo min mogelijk energieverlies. Ontdek hoe u drukverlies, onnodig verbruik en lekkages beperkt.
Een efficiënte persluchtinstallatie begint bij de juiste afstemming van compressor, leidingnet en luchtbehandeling. Hieronder beantwoorden we de belangrijkste vragen over zes onderdelen van persluchtoptimalisatie.
Optimalisatie · onderwerp 1 van 6
Een compressor moet voldoende perslucht leveren bij de vereiste werkdruk, ook tijdens piekbelasting. Een te kleine compressor veroorzaakt druktekort; een te grote installatie kan onnodig veel energie verbruiken.
Tel het luchtverbruik van de machines die gelijktijdig draaien bij elkaar op. Houd rekening met gebruiksduur, piekbelasting, toekomstige uitbreiding en een passende reserve. Gebruik de opgegeven capaciteit bij de vereiste werkdruk en laat de uitkomst controleren aan de hand van een verbruiksmeting.
Aanzuigcapaciteit beschrijft hoeveel lucht de compressor theoretisch aanzuigt. De effectief geleverde perslucht (FAD) is de werkelijk beschikbare luchthoeveelheid, omgerekend naar vastgelegde referentiecondities. Voor de dimensionering is de FAD bij de benodigde druk doorslaggevend.
Breng in kaart welke gebruikers tegelijk actief zijn en hoe lang de pieken duren. Een passend buffervat kan korte pieken opvangen; langdurig piekverbruik vraagt voldoende compressorcapaciteit. Baseer de keuze op een gemeten verbruiksprofiel.
Een te kleine compressor kan de gewenste druk niet vasthouden. Een te grote compressor kan bij een ongunstige regeling vaak onbelast draaien of schakelen, met extra energieverbruik en slijtage als gevolg. De juiste keuze hangt ook af van het type regeling.
Optimalisatie · onderwerp 2 van 6
De juiste werkdruk is hoog genoeg voor de aangesloten apparatuur, maar niet onnodig hoog. Elke extra bar kan het energieverbruik en de hoeveelheid lekkagelucht verhogen.
Begin bij de minimale druk die de meest kritische machine tijdens gebruik nodig heeft. Tel daar de verwachte drukverliezen in filters, droger, leidingen en koppelingen bij op. Meet de druk tijdens piekverbruik op de machine én bij de compressor.
Tussen de compressor en het afnamepunt daalt de druk door stromingsweerstand in leidingen, filters, drogers en koppelingen. De druk bij de machine is daarom tijdens luchtverbruik vaak lager dan bij de compressor.
Een hogere druk kan het drukverlies tijdelijk maskeren, maar kost doorgaans extra energie en kan lekkages vergroten. Onderzoek eerst of leidingen, filters, koppelingen of een onjuiste dimensionering de oorzaak zijn.
Stel de centrale installatie in op de hoogste werkelijk noodzakelijke druk en gebruik lokale drukregelaars voor machines die minder druk nodig hebben. Bij sterk uiteenlopende behoeften kan een aparte drukzone of voorziening efficiënter zijn.
Optimalisatie · onderwerp 3 van 6
Drukverlies ontstaat wanneer perslucht door leidingen en componenten stroomt. Een slim ontworpen installatie beperkt deze verliezen en voorkomt dat de compressor onnodig hoge druk moet leveren.
Drukverlies ontstaat door stromingsweerstand in leidingen, bochten, koppelingen, afsluiters, filters en drogers. Lange of te smalle leidingen en hoge luchtsnelheden vergroten het verlies.
Meet gelijktijdig de druk op twee punten terwijl de installatie een representatieve hoeveelheid lucht levert. Het verschil tussen beide metingen is het drukverlies over dat deel van het systeem. Meet ook over afzonderlijke filters en drogers.
Een grotere binnendiameter verlaagt bij dezelfde volumestroom de luchtsnelheid en doorgaans het drukverlies. De juiste diameter hangt af van capaciteit, lengte, druk, materiaal en toekomstige uitbreidingen.
Kies componenten met voldoende doorstroomcapaciteit, vervang verzadigde filterelementen op tijd en voorkom onnodige vernauwingen. Controleer drukverschillen bij de werkelijke belasting en houd rekening met de specificaties van de fabrikant.
Optimalisatie · onderwerp 4 van 6
Persluchtfilters verwijderen specifieke verontreinigingen, zoals vaste deeltjes, vloeibare aerosolen of oliedamp. Het juiste filtertype hangt af van de vereiste luchtkwaliteit en de toepassing.
Bepaal eerst welke verontreinigingen zijn toegestaan bij de toepassing. Een deeltjesfilter verwijdert vaste deeltjes, een coalescentiefilter vloeibare olie- en wateraerosolen en een actiefkoolfilter kan oliedamp verminderen. De juiste combinatie hangt ook af van de droger en de gewenste ISO 8573-1-klasse.
Een deeltjesfilter houdt vaste verontreinigingen tegen. Een coalescentiefilter laat fijne vloeistofdruppels samenkomen zodat ze kunnen worden afgevoerd. Een actiefkoolfilter adsorbeert onder geschikte omstandigheden bepaalde dampvormige verontreinigingen, zoals oliedamp.
Volg het onderhoudsinterval en de grenswaarden van de fabrikant. Vervang eerder wanneer het drukverschil te hoog wordt of de vereiste luchtkwaliteit niet meer wordt gehaald. De werkelijke vervuilingsbelasting speelt een belangrijke rol.
Bij veel deeltjes- en coalescentiefilters is een oplopend drukverschil een belangrijk signaal. Actiefkool kan echter verzadigd raken zonder duidelijke drukstijging; daarvoor zijn vervangingsintervallen en zo nodig luchtkwaliteitsmetingen belangrijk.
Optimalisatie · onderwerp 5 van 6
Een persluchtdroger verlaagt het waterdampgehalte en helpt condensvorming in leidingen en apparatuur te voorkomen. De keuze wordt bepaald door het benodigde drukdauwpunt.
Een koeldroger koelt perslucht af zodat vocht condenseert en kan worden afgevoerd; een typisch drukdauwpunt is circa +3 °C. Een adsorptiedroger bindt waterdamp aan droogmiddel en kan veel lagere drukdauwpunten bereiken, bijvoorbeeld -20 of -40 °C, afhankelijk van uitvoering en instelling.
Wanneer condenswater de kwaliteit, betrouwbaarheid of veiligheid van het proces kan verstoren, is droging nodig. De gewenste droogte hangt onder meer af van de laagste leidingtemperatuur en de eisen van de aangesloten apparatuur.
Het drukdauwpunt is de temperatuur waarbij waterdamp bij de heersende persluchtdruk begint te condenseren. Kies een drukdauwpunt dat voldoende lager ligt dan de laagste temperatuur die de perslucht verderop kan bereiken, met passende veiligheidsmarge.
Selecteer op de maximale werkelijke persluchtstroom en corrigeer de nominale drogercapaciteit voor inlaattemperatuur, omgevingstemperatuur en bedrijfsdruk volgens de tabellen van de fabrikant. Houd rekening met eventuele toekomstige uitbreiding.
Optimalisatie · onderwerp 6 van 6
Persluchtlekkages kosten energie, verminderen de beschikbare capaciteit en kunnen drukproblemen veroorzaken. Regelmatige controle is een van de meest directe manieren om een installatie efficiënter te maken.
Controleer koppelingen, slangen, afsluiters en machines. Luister bij stilstand van de productie naar sissende geluiden en gebruik waar nodig een ultrasone lekdetector. Markeer gevonden lekkages en controleer na reparatie opnieuw.
Ontsnappende perslucht veroorzaakt turbulentie met hoogfrequent geluid. Een ultrasone lekdetector registreert dit geluid en zet het om naar een hoorbaar of zichtbaar signaal, zodat lekkages ook in rumoerige omgevingen beter kunnen worden gelokaliseerd.
Veel lekkages ontstaan bij snelkoppelingen, slangaansluitingen, schroefdraadverbindingen, afdichtingen, condensafvoeren en versleten pneumatische componenten. De precieze verdeling verschilt per installatie.
Controleer regelmatig en in ieder geval na aanpassingen aan de installatie. Voor veel bedrijven is een periodieke inspectie, bijvoorbeeld jaarlijks, een bruikbaar uitgangspunt; bij intensief gebruik of veel wijzigingen is vaker controleren verstandig.
Van Hemert Persluchttechniek helpt u met het beoordelen van capaciteit, drukverlies, persluchtbehandeling en lekkages. Zo ontdekt u waar verbetering mogelijk is.
Vrijblijvend advies aanvragen →